De kantoren en appartementen van tegenwoordig herinneren in niets meer aan de Leuvehaven van zo´n driehonderd jaar geleden, dé zeehaven van Rotterdam. Waar nu de Blaak is, bevond zich in de 16e eeuw de zuidgrens van Rotterdam. Achter deze veste lag een blubberig gebied bedekt met riet waar een smalle kreek, de Leuve, doorheen liep. Het stadsbestuur gaf in 1598 opdracht deze zijarm van de Maas uit te graven. Het is daarmee de oudste gegraven haven van Rotterdam. Een paar jaar later volgden de Wijnhaven, Scheepmakershaven, Glashaven en Bierhaven. Door deze ingrepen kwam er veel bedrijvigheid op gang zoals de aan- en aanvoer van ladingen en bezoeken van binnen- en buitenlandse kooplieden. De Waterstad was geboren, een buitendijks gelegen stadsdeel waar eb en vloed vrij spel hadden. Beroemdheden als Piet Heijn, Maerten Tromp en Gijsbert van Hogendorp woonden hier. Diverse kerken en synagogen werden gebouwd en er werd ook een begraafplaats aangelegd. Met de opkomst van de stoomschepen was het met de Leuvehaven als zeehaven gedaan. De binnenvaart nam aan het einde van de 19e eeuw met clippers, tjalken en aken de haven over. Na de oorlog tijdens de wederopbouw werd de Leuvehaven aangewezen als centrum voor de binnenvaart, nieuwe ‘insteekhavens’ werden gegraven. Toen het vrachtverkeer over de weg in de jaren zestig opkwam, was het ook met de binnenvaartfunctie van de Leuvehaven gedaan. Tussen de insteekhavens werden woonappartementen gebouwd.
De Leuvehaven zelf heeft nu een recreatieve functie gekregen; de collectie historische schepen, havenkranen, scheepsmotoren en oude havenwerktuigen van het Havenmuseum zijn er te bewonderen. Iets van de oude sfeer is teruggekeerd nu op de kade ambachtslieden en vrijwilligers de oude schepen restaureren. Verder vindt u hier het Maritiem Museum, waar diverse tentoonstellingen te bezichtigen zijn (bron; De Nieuwe Maasmap)

|